Moos

MoosIk noem Moos weleens mijn grote vuilnisbak. Geen bakje met kattenvoer is veilig voor hem, hoeveel hij daarvoor ook al gegeten heeft. Zodra ik meerdere bakjes met voer neerzet gaat hij als de rest is uitgegeten alle bakjes na om te kijken of er nog iets in zit. Ik hoef dan ook maar zelden iets weg te gooien. En toch is hij niets te zwaar.

Ik ben hem tegengekomen in asiel De Dierenborgh in Velp toen ik daar Mogley kwam ophalen. Hij was (en is) een superlieve kroelkont van elf die duidelijk in de bloei van zijn leven was. Maar toch zat hij daar met een hele korte onderbreking van een paar dagen al een jaar. Hij was namelijk naar het asiel gebracht toen hij in huis was gaan plassen nadat zijn vorige blikopener verhuisde van een huis met tuin naar een bovenwoning, waardoor hij niet meer naar buiten kon. En zoals de meeste mensen ongetwijfeld weten moet je een kat die je nieuw in huis haalt eerst minimaal zes weken binnen houden, anders komt ie meestal niet terug. Dat was bij mij echter geen probleem, want mijn tuin was net afgezet. Ik sprak met het asiel af dat ik eerst zou kijken hoe het met Mogley en mijn twee al aanwezige heertjes ging en dat ik als dat goed ging na een maand terug zou komen om Moos op te halen. En zoals je bij Mogley's verhaal kunt lezen ging het heel goed met haar, dus Moos kon komen. Voordat de afgesproken maand om was, was Suusje er ook al bij gekomen, dus Moos was nummer vijf.

Moos bleek een hele stoere jongen te zijn die de al aanwezige heren probeerde te overtroeven. Prachtige concerten konden hij en Joepie samen geven als ze elkaar ervan probeerden te overtuigen dat de ander maar beter kon maken dat ie wegkwam. Ook met Pietje heeft Moos nog wel eens ruzie en met Suusje kan hij al helemaal niet overweg. Dat ruzie zoeken met de anderen heeft hem tot nu toe al drie keer een zodanige kras over z'n oor opgeleverd dat beide oren al een klein scheurtje hebben opgelopen. Maar dat is maar een gedeelte van de dag, het grootste deel van de dag is ie vrij rustig en met behulp van z'n Telizen pilletjes en een goede opvoeding van mijn kant gaat het steeds beter. Wie weet, misschien gaat hij andere katten nog wel eens ooit een keer leuk vinden. En in de tussentijd ben ik al heel blij als hij redelijk vreedzaam met ze samen kan leven. Zolang hij mij maar lieve likjes blijft geven kan hij bij mij in ieder geval niet meer stuk.